La Belle et la Bête
In de 17e en 18e eeuw waren literaire sprookjes heel populair bij de hogere klassen in Frankrijk. In deze “contes de fées” waren motieven uit mondeling overgeleverde volkssprookjes verweven. Dit gebeurde ook met het oorspronkelijke verhaal over La belle et la bête, in 1740 geschreven door Madame Gabrielle Suzanne Barbot de Villeneuve, een verhaal van bijna 300 pagina’s.
In 1756 schreef Madame Jeanne-Marie Le Prince de Beaumont hiervan een sterk verkorte bewerking voor haar leerlingen. Zij werkte in Londen als Franse gouvernante,.
Een Nederlandse vertaling, Magazijn der kinderen, Of zamenspraaken tusschen eene wijze gouvernante en verscheide van haare leerlingen van het eerste fatsoen, verscheen in 1758 in Den Haag. Hierin vertelt gouvernante madame Bonne haar ‘juffers’ een verhaal in 27 pagina’s over De Schoone & het Beest.
De Schoone & het Beest (1758)
Een rijke koopman heeft drie zonen en drie dochters. De jongste dochter wordt ‘het Schoone kind’ genoemd omdat ze zo mooi is. Deugdzaam is ze ook, en haar jaloerse zusters bespotten haar omdat ze goede boeken leest en zich niet overgeeft aan werelds vermaak. De koopman raakt in financiële moeilijkheden, en op de terugweg van een zakenreis verdwaalt hij. Hij komt in een kasteel terecht waar hij onderdak en een maaltijd krijgt. De volgende morgen plukt hij in de tuin een roos voor zijn jongste dochter, de Schoone. Dan komt er een ‘afgrijselijk beest’ te voorschijn, dat hem van diefstal beschuldigt en met de dood bedreigt. Het ‘gedrocht’ stelt de koopman voor dat een van zijn dochters zijn plaats zal innemen. Als de Schoone dat hoort offert zij zich op en gaat naar het kasteel van het Beest. Ze wordt goed verzorgd en leert het Beest, met wie zij elke avond de maaltijd gebruikt, kennen en waarderen. Hij vraagt haar voortdurend ten huwelijk, maar ze weigert. Wanneer ze naar haar vader verlangt, krijgt ze toestemming van het Beest om die te bezoeken. Ze blijft – door ingrijpen van haar zusters - te lang weg en dan ziet ze in een droom dat het Beest er slecht aan toe is. Ze gaat terug en vindt hem stervende. Dan bekent ze hem haar liefde en plotseling is het beest verdwenen, en ziet zij ”in deszelfs plaats een prins voor haare voeten, schoonder dan Adonis”. Hij was door een boze fee betoverd en pas toen de Schoone beloofde hem te trouwen, was de vloek opgeheven. De jaloerse zusters veranderen in beelden en moeten getuige zijn van het geluk van de Schoone, die trouwt met de prins, en “zeer lang met hem leefde, in een’ volmaakt gelukkigen staat, doordien hunne trouw op de deugd gegrond was.”
Na dit verhaal praten Mademoiselle Bonne en de juffers nog wat na en de les van de gouvernante is: “men gewent zich aan de leelykheid; maar nooit aan de kwaadaardigheid. Zoo dat wij ons weinig moeten bekommeren over onze leelykheid; maar wij moeten trachten zoo goedaartig te worden dat de fraaiheid onzer ziele, de leelykheid van ons aanzicht doe vergeete.”
Bewerkingen
In de loop der eeuwen is de tekst van het verhaal vele malen bewerkt, vaak zijn nieuwe elementen toegevoegd zoals ook in de tekenfilm en musical van Disney het geval is.
In Nederland verschenen in de loop der eeuwen vele bewerkingen van het verhaal met soms verrassende titels: Mooi Elsje, Bella en de beer, Rosalinde en de beer, Geschiedenis van de deerne en het ondier, Het meisje en het monster, Belle en het Beest en Snoesje en het Beest.
Er zijn ook toneelbewerkingen gemaakt, zoals een blijspel De schoone en het beest, geschreven door Elisabeth Wolff-Bekker, in 1788.
In 1946 kwam de klassiek geworden Franse film La belle et la bête uit, van regisseur Jean Cocteau.
In 1991 verscheen een tekenfilm van Walt Disney met computeranimaties en musicalliedjes.
In 2012 brengt CSG Het Noordik de musical Beauty en het Beest op de planken, een daverend succes!